Oryx H1 – Dio Bedum H3

Vol spanning werd er door iedereen toegeleefd naar deze dag. Hoe zou het gaan? Weet ik nog waar de sporthal is? Zouden we het nog kunnen? Wat kan onze tegenstander? is iedereen fit genoeg? Heb ik alles mee? Niemand kon zich een voorstelling maken, vandaar ook de spanning. De spanning zat bij J-J met name nog op z’n kuit.


Zaterdagochtend werd er nog druk geappt in de groepsapp. Wedstrijdformulier, wie kan er printen? Is dit de goeie? Vorig jaar hadden we een andere! Opstellingsbriefjes, heeft iemand nog opstellingsbriefjes? Zoals we zijn, altijd alles netjes en op tijd voor elkaar.


Zo rond 1745 uur druppelde iedereen (corona)pas binnen. Kopje koffie aan de vertrouwde stamtafel en al snel ben je weer waar je gebleven was. Aan tafel kwam de gesteldheid van iedereen even voorbij. Niks nieuws, dus dat rondje bespaar ik jullie. Het enige verassende was dat J-J dit keer ook daad bij het woord gevoegd heeft. Niet fit en niet spelen. En, tja, Bert was Ernie.

In de kleedkamer kwam de apothekerstas bij Jurri tevoorschijn. Daar werd door een ieder gretig gebruik van gemaakt. Komende week maar weer even een nieuw potje tijgerbalsem kopen. Mark ‘still not dead yet’ Kisjes haalde nog een fijne verassing uit z’n sporttas. Sinds de lockdown was dit de eerste keer dat hij z’n sporttas te pakken had. Daar zat nog een oude, gebruikte, handdoek in. Die kon nu makkelijk als moordwapen gebruikt worden. Enerzijds met stank, anderzijds als alternatief voor een honkbalknuppel.

Voor de wedstrijd werden de scheidsrechters netjes in het zonnetje gezet. Een lekker flesje rode wijn werd door onze aanvoerder overhandigd. Dit alles in het kader van de week van de scheidsrechter. Niet dat de scheidsrechters nu elke week een flesje wijn van ons gaan verwachten….

De sfeer in de sporthal was, in tegenstelling tot het weer buiten, niet klam, warm en vochtig. Nee, binnen was het bedompt, heet en nat. De eerste set was heel rommelig en onwennig aan onze kant. Een waar foutenfestijn waar de tegenstander dankbaar gebruik van maakte. We hadden even kunnen ruiken en proeven aan het grote Selwerd. Blijft toch anders dan een gymzaaltje ergens in Hoogkerk. Gelukkig konden we het foutenfestijn ombuigen naar een soort van degelijk spel. Daarnaast had de eerste scheids z’n bril gepoetst (dat scheelde aanzienlijk…) tussen set 1 en 2 en met de juiste inbreng van Mark ‘still not dead yet’ Kisjes wisten we de ‘big points’ in set 2 en 3 naar ons toe te werken. Helaas konden we dat niveau niet vasthouden en begon ook de nummer 7 van Bedum, tot eigen verbazing, fijn te scoren. In veel gevallen had hij zelf ook geen idee hoe, waarmee en wanneer hij de bal zou raken. Door de onvoorspelbaarheid was het in veel gevallen ook niet te verdedigen. Daarmee glipte de winst door onze vingers heen. 14-25, 25-21, 25-20, 19-25 en 11-15 maakt 2-3 voor Dio Bedum. In de vijfde set kwam de spelverdeler van de tegenstander nog even bij ons kijken. Het leek hem toch veel gezelliger aan onze kant dan aan zijn kant. We hebben hem vriendelijk bedankt, onze selectie loopt al over van de spelverdelers…


Het goede nieuws is, de eerste 2 punten zijn binnen. Das toch al een verdubbeling van het aantal punten van vorig jaar. En het goede nieuws is dat er geen nieuwe blessures zijn bij gekomen. Daarnaast weet nooit of en wanneer de lockdown weer komt, maar deze 5 sets hebben we alvast gespeeld. Het bleef nog lang (tot 2355 uur) onrustig in de verbreding van de hal. Hierbij nog een directe oproep aan Reint. De volgende keer hoeft het koude bier niet weer naar Lycurgus, dat mag gewoon in Selwerd blijven…